Home arrow Wet en regelgeving arrow Jurisprudentie arrow Sociale zekerheid arrow Ziekengeld oproepkracht terecht door UWV geweigerd
Ziekengeld oproepkracht terecht door UWV geweigerd

Oproepmedewerker N. werkt sinds 14 maart 2005 als warehousemedewerker (oproepbasis). Na een ziekmelding per 17 mei 2005 stelt UWV dat de arbeidsovereenkomst moet worden aangemerkt als een oproepovereenkomst zonder verschijningsplicht. Per opdracht is sprake van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Na drie oproepen, dat wil zeggen per 4 april 2005 is een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaan en gelet daarop diende werkgever aan N. bij ziekte het loon door te betalen. Het UWV weigert ziekengeld uit te keren. 

Werkgever gaat in beroep en daarna in hoger beroep tegen de afwijzende beslissing en stelt zich op het standpunt dat de oproep duurde van 14 maart 2005 tot en met 13 mei 2005 en dat per 13 mei 2005 de arbeidsovereenkomst van rechtswege is geëindigd.  

Oordeel van de Centrale Raad:  De Raad stelt vast dat werkgever met N. op 14 maart 2005 een zogenoemde “arbeidsovereenkomst voor tijdelijk los-vast dienstverband c.q. oproep medewerker” heeft gesloten. Volgens artikel 2a van de overeenkomst ontstaat de arbeidsverhouding op het moment, dat de werknemer de werkzaamheden verricht en wordt deze aangegaan voor de duur van elke opdracht. De Raad is van oordeel dat de overeenkomst een zogenoemde voorovereenkomst is op grond waarvan werkgever en N. met betrekking tot de duur van elke opdracht een afzonderlijke overeenkomst tot het verrichten van arbeid hebben gesloten. Telkens wanneer N. gehoor gaf aan een oproep is een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd ontstaan.  

Artikel 7:668a, eerste lid, aanhef en onder b, van het BW bepaalt dat vanaf de dag dat tussen dezelfde partijen meer dan 3 voor bepaalde tijd aangegane arbeidsovereenkomsten elkaar hebben opgevolgd met tussenpozen van niet meer dan 3 maanden de laatste arbeidsovereen komst geldt als aangegaan voor onbepaalde tijd.  

Dit betekent dat met ingang van de vierde week dus per 4 april 2005, een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan en dat werkgever gehouden was bij ziekte van N. het loon aan hem door te betalen.  

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de in hoger beroep aangevallen uitspraak.  

LJN: BG2723, Centrale Raad van Beroep, 07/1440, Datum uitspraak: 15-10-2008 

© L&M sociale zekerheid

 

 
HomeVoorwaardenDisclaimerPrivacySitemap