Home arrow Wet en regelgeving arrow Jurisprudentie arrow Arbeidsrecht arrow Dramatische familiegebeurtenis en de verplichting tot re-integratie
Dramatische familiegebeurtenis en de verplichting tot re-integratie

Jantine, werkzaam als tandartsassistente is sedert augustus 2011 arbeidsongeschikt als gevolg van een life-event en ontvangt vanaf augustus 2013 een 80-100% WGA-uitkering. In oktober 2013 vroeg en kreeg werkgever toestemming om de arbeidsovereenkomst op te zeggen. De arbeidsovereenkomst met Jantine werd opgezegd per 1.2.2014. 

Het verzoek

Jantine verzoekt tijdens de opzegtermijn om ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens veranderingen in de omstandigheden met toekenning van een vergoeding van € 16.862,14. De schadevergoeding wordt gemotiveerd onder andere door het verwijt dat de tandarts de oorzaak vormt voor de verstoring van de arbeidsrelatie. Verder zijn aandeel in de problematiek met Jantine, het nadeel dat Jantine ondervindt doordat zij niet kon en kan re-integreren bij eigen werkgever en de tekortkomingen van tandarts bij de re-integratie en de inkomensschade die Jantine ondervindt en nog zal ondervinden.

 

Het verweer van de tandarts

Werkgever pleit voor afwijzing van het verzoek omdat geen enkele verandering in de omstandigheden aannemelijk is gemaakt die ertoe zou moeten leiden dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve nog vóór het opzeggingseinde van 1.2.2014 zou moeten eindigen. Verder bestrijdt de tandarts gemotiveerd dat de beëindiging van de arbeidsovereenkomst noodzakelijk zou zijn geworden door een door hem veroorzaakte verstoring van de arbeidsrelatie.

 

De beoordeling van het verzoek door de rechtbank

Tijdens de mondelinge behandeling heeft Jantine naar voren gebracht dat de situatie voor haar persoonlijk thans dermate zwaar is (geworden) als gevolg van een dramatische gebeurtenis dat zij om tot rust te kunnen komen nog voor 1.2.2014 een einde aan het dienstverband wenst te bereiken. Deze wens is een te respecteren belang en vormt een voldoende verandering in de omstandigheden om de ontbinding van de arbeidsovereenkomst uit te spreken.

 

Vergoeding

Vervolgens moet beoordeeld worden of Jantine een vergoeding toekomt. De onderbouwing voor de gevraagde vergoeding duidt erop dat Jantine van oordeel is dat de handelwijze van tandarts ertoe heeft geleid dat haar herstel en/of re-integratie werd(en) belemmerd. In deze verzoekschrift-procedure kan niet worden vastgesteld of de gedragingen van werkgever tot het door Jantine gestelde gevolg hebben geleid. De dramatische gebeurtenis waar Jantine mee werd geconfronteerd, het verlies van haar dochter, is geheel in haar persoonlijke levenssfeer gelegen en werkgever staat daar geheel buiten.

Werkgever was verplicht contact op te nemen met Jantine voor haar re-integratie. Begrijpelijkerwijze is dat bij Jantine verkeerd overgekomen, maar dat heeft alleszins ook te maken met haar gemoedstoestand. In hoeverre de handelwijze van tandarts tot een verslechtering daarvan heeft geleid is niet eenvoudig vast te stellen. Alle omstandigheden tegen elkaar afwegend is de kantonrechter van oordeel dat aan Jantine geen vergoeding wegens ontbinding van de arbeidsovereenkomst moet worden toegekend.

 

Beslissing

De kantonrechter stelt partijen ervan in kennis voornemens te zijn de arbeidsovereenkomst tegen 15.12.2013 te ontbinden zonder toekenning van een vergoeding en stelt Jantine in de gelegenheid om haar verzoek desgewenst in te trekken.

 

ECLI:NL:RBNHO:2013:12401 Rechtbank Noord-Holland datum uitspraak:10.12.2013

 
HomeVoorwaardenDisclaimerPrivacySitemap